Contact   1043  10       

door 
  Wetenschappen  
  CLEAR  
  Edities  
  Test  
Versnelling
    19 / 26   Snelheid en versnelling
 

-

Theorie Examenvragen  

Spring naar:

 

De volgende onderwerpen worden in dit hoofdstuk behandeld:

- Snelheid
- Snelheid als vector
- Versnelling
- Handige formule 1
- Handige formule 2
- Niet-eenparige beweging


Transcriptie van de slides

Versnelling - Snelheid en versnelling - Fysica - Theorie - Toelatingsexamen arts en tandarts


Versnelling

Versnelling wordt gedefinieerd als verandering van snelheid gedeeld door het tijdsinterval.
Waarbij Dv = v2 - v1 en Dt = t2 - t1.
Dus stel dat we in 3,0 seconden van 5,0 m/s naar 20,0 m/s versnellen, dan is de versnelling 5,0 m/s/s of we schrijven 5,0 m/s2.
Merk op dat dit in feite een gemiddelde versnelling betreft.
De versnelling tijdens het interval kan soms hoger, soms lager gelegen hebben, maar gemiddeld was ze 5,0 m/s2.

Negatieve versnelling

De waarde voor versnelling kan ook negatief zijn, bvb. -5,0 m/s2.
Bijvoorbeeld een wagen die remt.
Dus v2 is lager dan v1.
Maar: negatieve versnelling impliceert niet altijd een vertraging.
Bijvoorbeeld, als v = -1,0 m/s en de versnelling is negatief, zal v meer negatief worden (bvb. -2,0 m/s) en de absolute waarde van de snelheid neemt toe (we zien het object “versnellen”).
a > 0, |v| neemt af
a < 0, |v| neemt toe

ERVB

Een beweging die volgens een rechte lijn verloopt en waarbij de versnelling constant is, noemen we een eenparig rechtlijnige versnelde beweging (ERVB).
De grafieken van een ERVB zien er als volgt uit:
Een parabool
De lijn kan ook dalend zijn, bij negatieve versnelling
De lijn kan ook onder de tijdsas liggen, bij negatieve versnelling

Afstand als oppervlakte

Nu kan men de verplaatsing ook vinden als de oppervlakte onder de v-t curve.
In het geval van een ERVB met beginsnelheid v0 en eindsnelheid vt, is de oppervlakte de som van de twee gearceerde delen:

Formule

De oppervlakte van het schuin gearceerde is v0 . Dt, de oppervlakte van het volgekleurde (vt - v0). Dt/2, ofwel Dv . Dt/2.
Dus de totale oppervlakte is v0 . Dt + Dv . Dt/2.
Maar aangezien a = Dv / Dt en dus Dv = a . Dt :
Hierbij kan a positief (versnellen) of negatief (vertragen) zijn (of 0 natuurlijk).
Dus stel dat we een beginsnelheid van 1,00 m/s hebben en dan 5,00 s tegen 1,00 m/s2 versnellen, dan hebben we na 5,00 s een afstand afgelegd van 17,5 m.
Ds = v0 . Dt +

Toelatingsexamen arts en tandarts